Archive for the ‘Skeptici’ Category

Gerrit Hiemstra maakt korte metten met Hans Labohm

November 20, 2009

Gerrit Hiemstra, welbekend van het NOS weerbericht, neemt het op tegen Neerland’s bekendste “scepticus” Hans Labohm.

Aan de hand van Labohm’s eigen betoog geeft Hiemstra inzicht in de tactieken die “sceptici” gebruiken om mensen voor de gek te houden (enigszins ingekort, en mijn commentaar schuingedrukt tussen vierkante haken):

1: De grafiek in de oorspronkelijke bijdrage van Labohm loopt van januari 1998 tot februari 2008. Waarom stopt de grafiek eigenlijk bij februari 2008? Het is nu toch november 2009? Het antwoord is simpel: sinds februari 2008 is de temperatuur weer gestegen en klopt het verhaal niet meer.

Conclusie: selectief gebruik van data, cherrypicking, misleiding, mensen voor de gek houden.

2: In de reactie van Labohm op mijn artikel tovert Labohm een nieuwe grafiek uit de hoge hoed. De temperatuurgrafiek is gebaseerd op een beperkte dataset van de V.S. [Dit werd door Labohm verzwegen], en deze wordt vergeleken met wereldwijde CO2-data. Dit is appels met peren vergelijken.

Conclusie: selectief gebruik van informatie, cherrypicking, misleiding, mensen een rad voor de ogen draaien.

3: Dan de tweede grafiek uit de bijdrage van Labohm, een “temperatuurreconstructie over de laatste 9000 jaar.” Hij concludeert: “dat er eerdere perioden waren (…) waarin de temperatuur hoger was dan nu.” Opnieuw appels met peren vergelijken, want de grafiek is alleen representatief voor het Alpengebied en niet voor de hele wereld.

Conclusie: selectief gebruik van informatie, cherrypicking, misleiding, mensen om de tuin leiden.

4: Tenslotte citeert Labohm een regel uit het derde IPCC rapport. Dit rapport is overigens uit 2001, terwijl er inmiddels al een vierde IPCC rapport is (alsof er in de tussentijd niets gebeurd is). De zin is echter uit zijn verband gerukt. Voor het volledige citaat verwijs ik naar de bijdrage van Ben Lankamp. [Het komt neer op de algemene wijsheid: “Alle modellen zijn fout, maar sommigen zijn wel nuttig.” En dan het laatste gedeelte weglaten.]

Conclusie: selectief gebruik van informatie, cherrypicking, misleiding, mensen voor het lapje houden.

Dit zijn vier goocheltrucs die Labom en andere “sceptici” gebruiken om de klimaatverandering te ontkennen. Het heeft niets, maar dan ook niets met wetenschap te maken, ondanks het wetenschappelijke sausje dat er over wordt gegoten. Laat u er niet door imponeren, het hoort bij de act.

Waarom maak ik me er zo druk om? Omdat het onzin is en daar kan ik niet tegen.

Gerrit Hiemstra.

Daar sluit me van harte bij aan. Lees ook Hiemstra’s hoofdbetoog (“goochelen met Hans Labohm“). Ik luister sindsdien met nog meer plezier naar het weerbericht. Goed om te merken dat onze weerman ook wat betreft klimaatverandering kennis van zaken heeft. Hulde aan Hiemstra voor een sterk beargumenteerd en helder geschreven weerwoord op de struisvogelpraktijken van Labohm.

Labohm gaat zover ons te doen willen geloven dat de temperatuursstijging vanaf 1975 komt door het eindigen van de kleine ijstijd. In 1850. Nou vraag ik je. En dat noemt zichzelf een scepticus? Van kritisch nadenken geen spoor te bekennen. De Belgische blogger Jules heeft een hele serie over Labohm’s misleidende uitingen, en hoe meer hij zijn praktijken tegen het licht houdt, hoe harder zijn oordeel.

Spijtig dat de NOS zich genoodzaakt zag een prominent platform te bieden aan iemand die zo’n loopje neemt met de wetenschap, met statistiek, en met logica. Het principe van hoor en wederhoor, zoals dat binnen de journalistiek gebruikelijk is, leidt op deze manier tot meer verwarring dan wijsheid. We zouden toch ook raar opkijken als we elke week in de krant zouden lezen dat roken niet slecht voor de gezondheid is.

Deze grafiek geeft ook duidelijke aan hoe de temperatuur en CO2 met elkaar samenhangen op een tijdsschaal die relevant is voor de huidige klimaatverandering. Op die website kun je zelf grafieken maken op basis van vele verschillende klimaatrelevante metingen. Leuk om mee te spelen. Of goochelen.

Advertisements

Bjorn Lomborg: “Morgen gaan we sparen”

September 8, 2009

(English version here)

Bjorn Lomborg pleit er in het NRC van 25 augustus voor om de CO2 uitstoot niet nu te verminderen, maar pas in de toekomst. Zijn redenering doet me denken aan de spreuk “morgen gaan we sparen”, die in veel huishoudens aan de muur hangt. Wat een mooi voornemen, elke dag weer!

Het probleem met CO2 is enerzijds dat een groot deel ervan honderden jaren in de atmosfeer verblijft, en anderzijds dat het klimaat traag reageert op veranderingen in de broeikasgasconcentratie. Deze combinatie zorgt ervoor dat ongebreidelde uitstoot van meer CO2 tot grote risico’s leidt voor het toekomstige klimaat. In Lomborg’s analyse wordt dit stelselmatig over het hoofd gezien.

Als grote veranderingen, zoals het smelten van grote massa’s landijs, eenmaal in gang zijn gezet door toedoen van een te hoge concentratie aan broeikasgassen, zijn ze niet zomaar omkeerbaar. Het uitstellen (afstellen…?) van emissiereductie gaat met grote risico’s gepaard voor de toekomst. Ook de kosten van uitstel van maatregelen zijn hoger dan die van het nemen van maatregelen nu; dat is de conclusie van bijvoorbeeld McKinsey (zie hier en hier), het Stern review, en de International Energy Agency (zie onder). Voor ongeveer 1% van het globale BNP kunnen we ernstige klimaatverandering voorkomen, is de bottom line (zie onder). De kosten van ongelimiteerde klimaatverandering pakken waarschijnlijk veel hoger uit.

Risico’s die pas in de verre toekomst plaatsvinden worden vaak onderschat, en men getroost zich meestal niet veel moeite om die risico’s te beperken. Neem roken: Stoppen met die ‘fijne’ gewoonte is voor velen blijkbaar een te grote prijs om toekomstige gezondheidsrisico’s te beperken. Daarnaast is het verslavend natuurlijk. Net als ons hoge energieverbruik blijkbaar. In tegenstelling tot roken wordt het actief beperken van klimaatrisico’s ook nog gecompliceerd door de zogenaamde ‘tragedy of the commons’, waar Lomborg dankbaar misbruik van maakt in zijn argumentatie.

Laten we inderdaad naar oplossingen zoeken die de klimaatverandering binnen de perken –en buiten de dijken- zal houden. Een voorwaarde daarvoor is natuurlijk dat we ons baseren op wetenschappelijke inzichten over het klimaatsysteem. Lomborg ziet dat blijkbaar anders.

Enkele kostenschattingen:

IEA: The investment required to prevent dangerous climate change is “an average of some 1.1% of global GDP each year from now until 2050. This expenditure reflects a re-direction of economic activity and employment, and not necessarily a reduction of GDP.” In fact, this investment partly pays for itself in reduced energy costs alone (not even counting the pollution reduction benefits)! (via Joe Romm)

Stern: “Using the results from formal economic models, the Review estimates that if we don’t act, the overall costs and risks of climate change will be equivalent to losing at least 5% of global GDP each year, now and forever. If a wider range of risks and impacts is taken into account, the estimates of damage could rise to 20% of GDP or more.
In contrast, the costs of action – reducing greenhouse gas emissions to avoid the worst impacts of climate change – can be limited to around 1% of global GDP each year.”

McKinsey: “The macroeconomic costs of this carbon revolution are likely to be manageable, being in the order of 0.6–1.4 percent of global GDP by 2030. To put this figure in perspective, if one were to view this spending as a form of insurance against potential damage due to climate change, it might be relevant to compare it to global spending on insurance, which was 3.3 percent of GDP in 2005.”

Het NIPCC rapport: Laat je niks wijsmaken

June 13, 2009

(English version here)

Het nieuwe NIPCC rapport (2009) is uit, en Nederlands bekendste “skepticus” (en co-auteur) Hans Labohm zwaait er al mee als zijnde de doodsteek voor de anthropogene klimaatverandering (AGW). Het is opgesteld door een reeks oude bekenden uit de “skeptische” wereld, aangevoerd door Fred Singer, en uitgegeven door een conservatieve denktank, het Heartland Instituut. Volgens Labohm wordt er niets heel gelaten van de AGW theorie. Dat is nogal een sterke uitlating, die door een sterke bewijsvoering gestoeld moet worden. Laten we eens kijken…

Waar komt het op neer?
Het rapport (niet te verwarren met het IPCC rapport) ademt een grenzeloos en ongefundeerd vertrouwen in negatieve feedbacks (terugkoppelingsmechanismen) van de natuur. Het bestaan van deze feedbacks is volkomen hypothetisch met vaak conflicterende en soms nauwelijks of geen aanwijzingen dat ze op globale schaal werkzaam zijn. De relatieve onzekerheid van verschillende factoren die bij het klimaat een rol (zouden kunnen) spelen wordt volkomen inconsistent benaderd: Als het afkoeling veroorzaakt, dan is geen onzekerheid te groot (en doet de afwezigheid of zwakte van enige bewijsvoering er niet toe); Als het daarentegen opwarming veroorzaakt, dan is de onzekerheid bij voorbaat te groot (en is geen berg van aanwijzingen hoog genoeg).
Daarnaast passeren een hoop van de veelgehoorde –en al even vaak weerlegde– argumenten de revue. Oud nieuws, en bij lange na niet afdoende om de sterke uitlating zoals door Labohm gedaan te staven. (De Engelse versie geeft een uitgebreidere discussie, met name over feedbacks en aerosols.)

Laten we eens kijken hoe het rapport zich verhoudt tot mijn lijst met tips om het kaf van het koren te scheiden in de informatiejungle:
– Het rapport ziet duidelijk door de bommen het bos niet meer; de context ontbreekt of wordt verdraaid.
– Het is onwaarschijnlijk dat de gangbare klimaatwetenschap er zo ver naast zit als dit rapport beweert; De sterke beschuldiging aan het adres van de gangbare klimaatwetenschap wordt niet door een afdoende sterke bewijsvoering ondersteund; De waarschijnlijkheid van afkoelende effecten (feedbacks) wordt schromelijk overdreven, terwijl opwarmende effecten worden gebagatelliseerd, ontkend, of verzwegen.
– De economische risico’s van emissiereductie worden schromelijk overdreven, terwijl de risico’s van ongelimiteerde klimaatverandering gebagatelliseerd worden.
– Het geeft een verkapte argumentatie voor de consensuspositie in het algemeen (namelijk door de belangrijkheid van een “second opinion” te onderstrepen), maar verdraait dat dan in de door hun bevoorrechte richting.
– De beschrijving van het IPCC proces heeft de zweem van een complottheorie en is vol stropop argumenten.
– Een deel van de auteurs heeft (of had) relevante expertise; een deel ook niet. In de lijst met ondertekenaars aan het eind van het rapport is relevante expertise dun gezaaid.
– Het Heartland Instituut is een conservatieve denktank met een afkeer van overheidsingrijpen, en geen betrouwbare bron van wetenschappelijke informatie.
– Tijdsschalen worden –voor zover ik heb gezien- niet incorrect gehanteerd. Bijna verbazingwekkend, gezien het feit dat Labohm continue weer en klimaat door elkaar haalt op diverse fora.
– Interne consistentie ontbreekt, bijvoorbeeld wat betreft de mate van onzekerheid en de gevolgen van een overschatting van de aerosolkoeling (die juist op een hogere klimaatgevoeligheid duidt).
– Sommige redeneringen kloppen logisch gezien niet. Zo wil het feit dat het klimaat in het verre verleden ook aan verandering onderhevig was helemaal niet zeggen dat menselijke activiteit er nu ook niets mee van doen heeft. Een pyromaan kan zichzelf ook niet zomaar vrij pleiten door te wijzen op het feit dat bosbranden altijd al van nature hebben plaatsgevonden.

Le Pair herzien

May 19, 2009

(Voor een compleet antwoord op zijn uitspraken, lees ook “reactie op Kees le Pair“.)

In een herziene versie op zijn website drukt Kees le Pair zich iets subtieler uit dan voorheen. Zo geeft uit hij nu toe dat meer CO2 wel degelijk tot meer opwarming leidt (wat hij ontkende in zijn recensie). Wel onderschat hij de opwarming sterk, en meet hij de onzekerheden groot uit. Net zoals vele anderen vergeet hij gemakshalve dat onzekerheden twee kanten op gaan. Onzekerheid in eventueel grote risico’s zou juist tot grotere voorzichtigheid moeten leiden, niet tot meer roekeloos gedrag. Als het zicht slecht is ga je toch ook langzamer rijden?

Een paar details:

– Hij lijkt een verdubbeling van de CO2 concentratie niet waarschijnlijk te achten, terwijl we daar toch duidelijk op af stevenen. Alle zeilen zullen moeten worden bijgezet om dat te voorkomen.

– De directe invloed van CO2 bij een verdubbeling van de concentratie is ongeveer 1 graad opwarming, maar die opwarming zorgt ervoor dat er ook meer waterdamp in de atmosfeer blijft. Er zijn nog vele ander terugkoppelingsmechanismen, en het netto effect (van een CO2 verdubbeling) is een opwarming rond de 3 (+/- 1) graden. Dat is waarschijnlijk genoeg om op lange termijn een groot deel van de poolkappen te doen smelten, en de zeespiegel evenredig te laten toenemen.

– De opwarming (en daarmee gepaard gaande zeespiegelstijging) die het einde van de laatste ijstijd inluidde is al zo’n 10 000 jaar geleden gestopt (en is dus niet “al 20 000 jaar aan de gang”). De huidige opwarming heeft daar helemaal niets mee te maken, en de huidige zeespiegelstijging ook niet. De zeespiegel is de laatste 100 jaar sneller gestegen dan de afgelopen duizenden jaren, maar minder snel dan aan het einde van de laatste ijstijd van 20 000 tot 10 000 jaar geleden). Het blijft moeilijk, die verschillende tijdschalen.

– Le Pair noemt het “veelzeggend, dat het IPCC keer op keer de gebruikte modellen heeft verfijnd.” Ik ben blij ook, dat is een teken dat de wetenschap vooruit blijft gaan. Het is nochtans veelzeggend dat het IPCC keer op keer tot meer zekerheid komt wat betreft de menselijke invloed op de huidige klimaatverandering.

– De positieve terugkoppeling van CO2 op de temperatuur droeg sterk bij aan het beeindigen van de ijstijden (voor een x aantal duizenden jaren). Zonder noemenswaardig opwarmend effect van CO2 kun je de amplitude van de temperatuursverandering  tijdens ijstijden niet verklaren.

– In het kader van het IPCC proces maken wetenschappers een samenvatting van de wetenschappelijke literatuur. Minderheids theorieën, waar Le Pair c.s. zijn hoop op heeft gevestigd, worden wel degelijk besproken, maar naast de theorieën waar veel meer bewijs voor bestaat, en die dus meer gewicht krijgen. Dat is nu eenmaal de manier waarop wetenschap bedreven wordt. En dat is maar goed ook.

Laat mij eindigen met wat ik ook in een email aan Kees Le Pair heb geschreven:

Het meningsverschil lijkt inderdaad meer genuanceerd te zijn na deze uitwisseling van gedachten. Het gaat vooral om het anders inschatten van verscheidende risico’s op klimaat en op economisch gebied. U lijkt meer zekerheid te willen omtrent de noodzakelijkheid van maatregelen alvorens meer geld uit te geven. Ik wil meer zekerheid omtrent de langdurige veiligheid en duurzaamheid alvorens meer broeikasgassen uit te stoten. Maar in ieder geval lijkt het mij zaak om ons vooral te baseren op het geheel van de huidige wetenschappelijke inzichten, en niet alleen die conclusies ter harte te nemen die tot een vooraf bepaald standpunt leiden.

Wie heeft er gelijk over klimaatverandering?

May 4, 2009

 

(English translation here. Dit artikel is als column verschenen in Milieufocus)

 

Het grote publiek heeft een heel ander beeld van klimaatverandering dan de wetenschappers, en dicht menselijk handelen een veel kleinere rol toe. Hoe kun je als leek het kaf van het koren scheiden in de veelheid aan conflicterende boodschappen die je dagelijks leest en hoort? Een aantal tips.

 

– Door de bomen het bos zien. Vaak worden relatief kleine details aangevoerd alsof die het hele fundament van het klimaatonderzoek onderuit halen. Details zijn belangrijk in onderzoek, maar het totaalbeeld van een onderzoeksveld, zoals klimaatverandering, is meestal niet aan heftige schommelingen onderhevig. Bij het zien van een vogel in de lucht trek je ook niet meteen het bestaan van de zwaartekracht in twijfel.

– Denk in termen van risico en waarschijnlijkheid. Wetenschap biedt geen zekerheid, maar wel gradaties van waarschijnlijkheid. Daarnaar handelen is rationeel; wachten op absolute zekerheid is dat niet. Zeker niet als er potentieel negatieve gevolgen kleven aan het uitstellen van actie. Het is verstandig om vaart te minderen in een sneeuwstorm, ook al weet je niet zeker dat je in een ongeluk zou geraken. Wat zijn de gevolgen als we actie ondernemen om klimaatverandering tegen te gaan, en het blijkt minder erg dan voorspeld? Wat als we geen actie ondernemen en het blijkt erger dan voorspeld? Gelukkig zijn we gewend beslissingen te nemen in de afwezigheid van zekerheid.

– Consensus tussen experts is relevant. Als je een second opinion aanvraagt over je gezondheidsklachten, en die komt overeen met de oorspronkelijke diagnose, neemt je vertrouwen in de juistheid ervan waarschijnlijk toe. Stel nu dat je de interpretaties van duizenden medische professionals over de hele wereld bij elkaar haalt, en dat die tot globaal hetzelfde beeld convergeren. Dat is vergelijkbaar met hoe het IPCC tot haar conclusies komt.

– Wees op je hoede voor komplottheorieën. Hoewel het strikt genomen geen bewijs is, kun je de bestaande consensus alleen terzijde schuiven als zijnde irrelevant, als de professionals allemaal liegen of incompetent zijn.

– Expertise. Niet alle bronnen zijn even geloofwaardig; de deskundigheid speelt een belangrijke rol hierbij. Als je ziek bent ga je naar de dokter; bruggen laten we bouwen door ingenieurs. Het is niet onredelijk om klimaatwetenschappers meer te vertrouwen dan een dokter of een ingenieur als het klimaatverandering betreft. Natuurlijk is dit geen bewijs, maar er is wel een verschil in waarschijnlijkheid dat ze weten waar ze het over hebben.

– Motief. De geloofwaardigheid van een bron hangt ook mede af van de mogelijke motieven om maar één kant van de zaak te laten zien. Die motieven kunnen bijvoorbeeld van economische of politiek-ideologische aard zijn. Welke gevestigde belangen staan er op het spel? Hoe verleidelijk is het om vanuit een wereldbeeld waarin elk overheidsingrijpen wordt verafschuwd, de bewijsvoering geweld aan te doen, als die zou kunnen leiden tot een sterkere roep voor overheidsmaatregelen? En hoe verleidelijk is het om vanuit een wereldbeeld waarin problemen juist het best door de overheid kunnen worden opgelost, een nepprobleem te verzinnen om daartegen maatregelen te verlangen? Is er een gebrek aan potentiële problemen dan, waar de overheid zich op zou kunnen storten? Ideologie kan een belangrijke drijfveer zijn, maar bekijk het wel met gezond verstand.

– Tijdsschalen. Klimaat is gedefinieerd als het gemiddelde weer over 30 jaar (de tijd dat de jaarlijkse variabiliteit ongeveer uitmiddelt). Weer en klimaat worden veelvuldig door elkaar gehaald in niet-wetenschappelijke media (aan beide kanten van het maatschappelijke debat).

Consistentie. Als iemand beweert dat het klimaat helemaal niet aan het veranderen is, en dat het bovendien aan de zon ligt, moet er een waarschuwingslampje gaan branden.

– Logica. Sommige veel gehoorde argumenten zijn logisch gezien niet correct, en er is geen specialistische kennis nodig om dat te doorzien. Zo wil het feit dat het klimaat in het verre verleden ook aan verandering onderhevig was helemaal niet zeggen dat menselijke activiteit er nu ook niets mee van doen heeft. Een pyromaan kan zichzelf ook niet zomaar vrij pleiten door te wijzen op het feit dat bosbranden altijd al van nature hebben plaatsgevonden.

­

Vanzelfsprekend is deze lijst niet compleet. Idealiter bestudeer je kritisch alle argumenten voor en tegen een bepaalde positie, maar daartoe ontbreekt vaak de nodige tijd of achtergrondkennis. Geen van de tips hierboven vormt een sluitend bewijs voor of tegen door de mens veroorzaakte klimaatverandering. Maar door meerdere aanwijzingen te volgen kan wel het kaf van het koren gescheiden worden in de veelheid aan informatie over een complex onderwerp zoals klimaatverandering.

 

Reactie op Kees le Pair

April 27, 2009

Kees le Pair heeft op zijn website gereageerd op mijn korte reactie in het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde. Helaas blijft hij steken in allang ontkrachte argumenten, die in de wetenschappelijke discussie al even lang niet meer meedoen. Wetenschap gaat door, op zoek naar nieuwe onzekerheden (die er nog volop zijn, natuurlijk, maar dan in de details; niet in de vraag of de mensheid verantwoordelijk is voor de extra CO2 in de lucht, of dat meer CO2 tot opwarming zal leiden. Dat weten we intussen wel.) De bijdragen van le Pair en mijzelf zullen ook gereproduceerd worden op de extreem “skeptische” webite klimatosoof.

Verzadiging van CO2 absorptie

De (zelfvernoemde) bron van de grafiek die le Pair aanvoert, Hans Erren (eveneens een klimaat-“skepticus”), spreekt hem tegen in dit opzicht: Het CO2 gordijn breidt zich zijwaarts uit. Bovendien leidt een toenemende mate van verzadiging van CO2 aan het aardoppervlak ertoe dat de infrarood straling vanaf grotere hoogte naar het heelal wordt uitgestraald. Aangezien de temperatuur op grotere hoogte kouder is, verlaat daarmee minder energie het aardsysteem, en dus warmt de planeet op.

 

Venus

Venus heeft een dikke atmosfeer van bijna puur CO2. Vanwege verzadiging van de CO2 absorptiebanden aan het oppervlak vindt uitstraling naar het heelal plaats op grote hoogte, waar het veel kouder is dan aan het oppervlak. Bij die lage temperatuur kan via uitstraling maar weinig energie ontsnappen, en daarom wordt het oppervlak zo warm: Gemiddeld 467 graden Celsius.

 

Dit is een stuk warmer dan op basis van de kortere afstand tot de zon verklaard kan worden. Mercurius (nog dichter bij de zon) heeft nagenoeg geen atmosfeer, en is daarom een stuk koeler dan Venus (167 graden Celsius). Hier is een aardig schoolproject over het temperatuurverschil op deze drie planeten. Kortom, “Venus is het mooie voorbeeld dat de concentratie CO2 in principe een heel eind kan toenemen voordat je echt tegen natuurkundige limieten aanloopt.”

 

In één ding heeft Le Pair gelijk: Fysische wetten zijn overal in het heelal hetzelfde.

 

Bijdrage van de mens aan CO2 toename

Hier haalt Le Pair twee dingen door elkaar: De emissie van CO2 door menselijke activiteit mag dan misschien klein zijn in vergelijking met de natuurlijke emissies, maar zij is wel degelijk verantwoordelijk voor de toename van de hoeveelheid CO2 in the atmosfeer. Ook hier wordt le Pair terecht door mede-“skepticus” Hans Erren terug gefloten.

 

De natuurlijke emissie en opname van CO2 door de biosfeer zijn normaalgesproken namelijk met elkaar in evenwicht (over tijdschalen langer dan een paar jaar). De extra emissies door menselijke activiteit hebben dit evenwicht verstoord en geleid tot een gestage stijging van de concentratie. Sterker nog, de natuur heeft als buffer gediend, door een deel van de door ons uitgestoten CO2 op te nemen (in de oceaan en in de biosfeer). Dit is door metingen duidelijk aangetoond.  

carboncycle_rev3d 

Figuur 1. Natuurlijke hoeveelheden (pre-industrieel) in het zwart; antropogene hoeveelheden in het rood.

 

Bovendien is de isotopische samenstelling van fossiele koolstof anders dan die van huidige biologische oorsprong. Hierdoor kan duidelijk worden aangetoond dat de toename van de CO2 concentratie in de atmosfeer voor een groot deel van fossiele oorsprong is: verbranding van kolen, aardolie en aardgas. 

 

Zeespiegelstijging

Le Pair haalt hier verschillende tijdsschalen door elkaar. De zeespiegel is versneld aan het stijgen sinds ongeveer 1900, na niet noemenswaardig veranderd te zijn in de paar duizend jaar daarvoor. Le Pair merkt correct op dat nog langer geleden de zeespiegel wel degelijk perioden van grote verandering kende: Tegen het einde van de laatste ijstijd steeg de zeespiegel over een periode van ongeveer 12.000 jaar met meer dan 100 meter.

 

post-glacial_sea_level 

recent_sea_level_rise

Figuur 2: Zeespiegelstijging over beide tijdsschalen. Sinds de industriële revolutie is de zeespiegel versneld gestegen in vergelijking met de paar duizend jaar daarvoor.

 

Blijkbaar is de zeespiegel over lange tijdsschalen erg gevoelig voor de gemiddelde temperatuur op aarde. Zo was 125.000 jaar geleden de zeespiegel gemiddeld ongeveer 6 meter hoger dan nu, terwijl de gemiddelde temperatuur maar één of twee graden hoger was. Niet echt geruststellend.

 

IPCC

In zijn karakterisering van het IPCC klimaatpanel heeft Le Pair het blijkbaar over het handjevol mensen dat nodig is om de organisatie draaiende te houden. Maar het eigenlijke IPCC proces is veel belangrijker uit wetenschappelijk oogpunt: Daar dragen duizenden wetenschappers uit de hele wereld op vrijwillige basis aan bij. Ze zijn geen IPCC werknemer, maar dragen als wetenschapper bij aan het proces, namelijk het maken van een samenvatting en synthese van de relevante, recente onderzoeksresultaten. De IPCC rapporten zijn een afspiegeling van de huidige wetenschappelijke inzichten op het gebied van klimaatverandering. Je moet met betere argumenten komen om die cumulatief opgedane kennis zomaar eventjes terzijde te schuiven.

 

Update: Wordt vervolgd hier.

Reactie in het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde

April 18, 2009

De volgende reactie is verschenen in het april nummer van het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde (NTvN; zie de pdf hier). Wordt vervolgd…

 

Kees le Pair eindigt zijn boekbespre­king van Jo Hermans Energie survival gids in NTvN 75-03 met een aantal boude uitspraken over klimaatver­andering. Zo zou volgens hem meer CO2 niet tot meer opwarming leiden, omdat het “CO2 gordijn al zo goed als dicht is”. Echter, de absorptiespectra van CO2 zijn helemaal niet verzadigd. En al zouden die in de lagere atmos­feer verzadigd zijn, dan zou meer CO2 in de hogere luchtlagen nog steeds leiden tot meer opwarming. Venus kan wellicht als voorbeeld dienen.

 

De zeespiegel stijgt nu met ongeveer 3 mm per jaar, ongeveer een factor 10 sneller dan in de afgelopen duizenden jaren. Ook daar slaat Le Pair de plank mis. Hij verwijt Hermans wat te ge­makkelijk op de koers van het IPCC te varen. Dat klinkt als een raar verwijt; per slot van rekening geven de IPCC rapporten een rigoreuze samenvat­ting van de wetenschappelijke kennis op het gebied van klimaatverande­ring. Le Pair gebruikt blijkbaar liever argumenten die al decennia geleden ontkracht zijn. Dubieus, maar het ver­klaart wellicht waarom hij geen heil ziet in zonne- en windenergie, zoals uit het eerste deel van zijn recensie blijkt. Als je het probleem ontkent, is de voorgestelde oplossing natuurlijk bij voorbaat onzinnig.


%d bloggers like this: